logo

Akkoord en definitie: hoe zit het nu ook alweer?

07-07-2018 11:52

Naar aanleiding van een vraag waarom wij 'tegen het Joods Akkoord zijn' schreven wij een aantal twitterberichten met een poging tot een antwoord.

Komt ie: een poging om t uit te leggen waarom het Joods Akkoord precies problematisch was. Het gaat om een aantal zaken. Wij vinden het vreemd om een akkoord te maken met 1 bevolkingsgroep en, als dat kennelijk wordt gezien als een verstandige manier van communiceren....

...met die bevolkingsgroep, dat er geen initiatieven zijn om de cirkel uit te breiden naar andere bevolkingsgroepen. En met deze groepen ook akkoorden te sluiten. Dat bevreemdt ons. Want wij zien bescherming graag ook voor anderen en onze analyse is er niet een van bijzonder ..


... veiligheidsrisico specifiek voor Joden in de stad, maar problemen voor vele Amsterdammers van velerlei achtergrond, die ook bescherming nodig hebben. Wij staan in solidariteit en zien dus graag ook andere akkoorden, dan wel meer bescherming voor ons allemaal. ...

Dit is ons belangrijkste punt van kritiek. En hiernaast is er het punt van de definitie. De IHRA definitie is in Nederland geen gemeengoed, omdat de Nederlandse overheid vindt dat er geen noodzaak voor is. Maar sommige Joodse organisaties voeren er campagne voor.

Wat vinden wij van de IHRA definitie. Op basis van ervaringen elders in Europa en in Nederland constateren wij twee dingen. Ten eerste dat er sprake is van een krimpende ruimte voor een open debat over Israel/Palestina. Onze analyse is dat Israel/Palestina ons direct aangaat

Het gaat ons direct aan vanwege de driehoeksrelatie tussen Israeli's, Palestijnen en Joden in de diaspora. We zijn, of we dat nu willen of niet, erbij betrokken. Dus hebben we baat bij mogelijkheden voor een open debat hierover. En dat staat onder druk. Want anderen ...

houden dit open debat liever wat beperkter, diplomatiek gezegd. Zijn er voorbeelden? Ja. In andere Europese landen een heleboel. In Ned. bijvoorbeeld de zaak van de veiligheidsconferentie bij de UvA die het CIDI probeerde te laten verbieden. Er is een groeiende lijst. Meestal lukt het...

trouwens niet, want universiteiten, subsidiegevers, gemeenten en zaaleigenaren geven niet toe. Dus je hoort er weinig over. Maar met het Joods Akkoord in de hand pleit Forum v Democratie voor het verbieden van demonstraties. En wij zien bij de voorstanders van het Akkoord

pogingen om zaken te verbieden. Dus we blijven waakzaam.

 

Achtergrond: er wordt op een aantal manieren naar de relatie gekeken tussen Israël en de Israëli's enerzijds en de Joden buiten Israël anderzijds. Het 'officiële' zionistische standpunt, verwoord in het Jerusalem Program, stelt dat voor alle Joden overal ter wereld Israël en Jeruzalem de centrale plek vormen. Er bestaan verschillende mondiale Joodse organisaties, die proberen de taak van parlement te vervullen. De meest belangrijke is de Jewish Agency en de WZO, de Zionistische Wereldorganisatie, die de centraliteit van Israël uitdragen. De huidige Israëlische minister van onderwijs, Naftali Bennett, spreekt ook over zichzelf als 'de minister van alle Joden'. Premier Netanyahu spreekt over zichzelf als 'premier van alle Joden, vertegenwoordiger en woordvoerder van alle Joden'.
NB Joden buiten Israël wordt hierover niets gevraagd.

Dit werkt in zoverre twee kanten op dat vele Joden buiten Israël zichzelf zien als ambassadeurs van Israël. Zij ervaren de relatie als een van gedeelde verantwoordelijkheid en zetten zich in voor Israël in de buitenlandse gremia.

Er bestaat ook een relatie die EAJG heeft uitgediept in onze internationale campagne, over de rechten van Joden buiten Israël om naar Israël te migreren. Zie hiervoor de website van Open Network of Jews for Justice.

Iets anders is het antisemitisme en de vervolging van Joden. Als het antisemitisme niet zou bestaan, en er geen Jodenvervolging had bestaan, dan zouden vele Joden geen behoefte hebben aan een tweede thuis in Israël. Dit wordt kort samengevat in de door Abel Herzberg gemunte term: Israël is een blanco cheque - de plek om ooit naartoe te kunnen vluchten. Het is op zich een begrijpelijke overweging.

Dit zou allemaal niet relevant zijn als de centraliteit van Israël voor Joden verder geen consequenties zou inhouden, als het een spirituele hobby betrof, of een lege veilige wijkplaats. De Palestijnse bevolking lijdt echter al decennia onder de praktische consequenties van het zionisme. Hun lijden wordt niet als zodanig benoemd, de schuldvraag wordt niet gesteld en er wordt ook geen verantwoordelijkheid voor genomen. Sommige Joden buiten Israël die menen Israëls belangen te behartigen, denken dat Israëli's beter af zouden zijn zonder de aanwezigheid van Palestijnen, de zogenoemde nulsom-redenering. Zij doen aan negatieve belangenbehartiging voor de Palestijnen. Zij zorgen ervoor dat de Palestijnse scheeuw om hulp niet wordt gehoord, dat er geen politieke steun is voor de Palestijnse nationale aspiraties, dat er geen geld gaat naar Palestijnen.Zij benoemen kritiek op Israël als een vorm van antisemitisme en benoemen ook belangenbehartiging voor Palestijnen als een vorm van antisemitisme. Niet omdat het zo is, maar omdat dit voortvloeit uit het gemeenschappelijk gevoeld belang om Israël te zien als centraal voor Joden.

Deze zaken versterken elkaar. Door vast te houden aan het idee van de centraliteit van Israël in het Joodse leven, gaat er een groot appel uit op internationale Joodse loyaliteit, en is er weinig ruimte voor kritiek op deze processen. Israël neemt de centraliteit in het Joodse leven heel serieus, en creëert toekomstscenario's om de Joodse bevolking van elders te kunnen opvangen. Dit gaat echter ten koste van de Palestijnse bevolking.

Nu het punt waar het moeilijk wordt. Israël heeft de bevolkingsaanwas van Joden van buiten ook nodig, om een demografisch overwicht te kunnen behouden op de Palestijnen. Dus Joden worden permanent uitgenodigd, uitgedaagd en verleid om naar Israël te migreren.

Waar de betrokkenheid van Israël met Joden in het buitenland en de wil hun belangen te vertegenwoordigen raakt aan de noodzaak om die Joden wel vroeger of later in Israël binnen te halen, ontstaat een belangenconflict. Worden de Joodse belangen wel goed behartigd door een behartiger die eigenlijk niet wil dat Joden in 'de diaspora' blijven wonen? Of die niet wil dat Joden al te zeer integreren en hun verbintenis met Israël opgeven? Het gesprek over antisemitisme wordt vertroebeld door het idee dat het sommige betrokkenen, sommige belangenbehartigers, helemaal niet zo slecht uitkomt dat antisemitisme in elk geval regelmatig op de agenda staat. Zonder de angst voor gewelddadig antisemitisme blijven de meeste westerse Joden veel liever thuis, dan dat zij migratie zouden overwegen. Zonder antisemitisme hebben Joden Israël niet nodig.

In deze relatie is nog een speler aanwezig: de Palestijn. De toekomstige migrant uit de VS, Nederland, Australië noem maar op gaat namelijk ook zijn of haar plaats innemen. Letterlijk, door in het Palestijnse huis te gaan wonen, of het huis gebouwd op Palestijnse grond, het Palestijnse water op te drinken en de baan in te nemen die een Palestijn had kunnen vervullen.

Veel potentiële migranten hebben daar geen zin in. Israël heeft er dus ook belang bij sommige aspecten van de dagelijkse realiteit in Israël en Palestijns gebied niet te zeer aan de grote klok te hangen.

Het open debat hierover moet gevoerd worden.