logo

De Palestijnse politiek

De laatste jaren wordt de Palestijnse politiek gekenmerkt door grote verdeeldheid. Op de Westelijke Jordaanoever functioneert sinds de Oslo-akkoorden van 1993 de Palestijnse Autoriteit. Dit bestuur, dat zelfbestuur kent in een deel van het gebied (de rest staat onder direct bestuur van Israël, of kent beperkt zelfbestuur), is grotendeels in handen van Fatah, een seculiere Palestijnse politieke partij en de grootste fractie van de PLO (Palestinian Liberation Organization). Mahmoud Abbas, de huidige president van de Palestijnse Autoriteit, is lid van Fatah.

Een andere grote speler in de Palestijnse politiek is Hamas; deze islamistische partij is sinds 2007 aan de macht in de Gazastrook. In de afgelopen jaren is er sporadisch sprake geweest van toenadering tussen Hamas en Fatah. Geweld tussen de twee partijen heeft echter in de afgelopen jaren geleid tot honderden doden. Een eenheidsregering tussen Fatah en Hamas, die na de Palestijnse parlementsverkiezingen in 2006 tot stand kwam, viel in 2007 uit elkaar door onderling geweld en een boycot van Hamas en de Palestijnse Autoriteit door Westerse regeringen.

Naast Fatah en Hamas kent de Palestijnse politiek ook verschillende andere, kleinere spelers. Voorbeelden daarvan zijn het marxistische Volksfront voor de Bevrijding van Palestina en de centrumpartij De Derde Weg (waar de net afgetreden premier van de Palestijnse Autoriteit Salam Fayyad toe behoort).

Het ontbreken van een stabiel en eensgezind bestuur maakt effectief zelfbestuur van Palestina praktisch onmogelijk. De huidige verdeeldheid maakt het lastig voor de Palestijnen om één front te vormen in vredesonderhandelingen en naar de internationale gemeenschap toe. Daarbij dient gezegd te worden dat Israël een actief beleid voert om die verdeeldheid verder aan te wakkeren, ondermeer door de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever zo veel mogelijk van elkaar te scheiden en het vrij verkeer van goederen en personen tussen de twee gebieden praktisch onmogelijk te maken. 

Een Ander Joods Geluid pleit voor een herstel van de Palestijnse eenheid op een democratische en geweldloze wijze. Eén van de voorwaarden daarbij is het uitschrijven van nieuwe verkiezingen in de bezette Palestijnse gebieden. Er is sprake van een schrijnend democratisch tekort onder meer vanwege het feit dat de benoemingstermijn van Mahmoud Abbas al geruime tijd verlopen is. Alleen met een bestuur dat daadwerkelijk de Palestijnse bevolking vertegenwoordigt kunnen er legitieme vredesonderhandelingen worden gevoerd en verdragen worden gesloten. Nog belangrijker is daarnaast dat Israël en de Westerse landen (en de partijen in het vredesoverleg) het resultaat van deze verkiezingen en het daarop tot stand te komen Palestijnse bestuur erkennen en daadwerkelijk betrekken in onderhandelingen over vrede en veiligheid in het Midden-Oosten.

Verdere documentatie:

International Reaction to the Palestinian Unity Government, samenvatting van een CSR (Congressional Research Service) rapport:

The new Palestinian unity government established in March 2007 complicates U.S. policy toward the Palestinian Authority (PA) and the peace process. When Hamas took power last year, the Bush Administration, along with its Quartet partners and Israel, responded by cutting off contact with and halting assistance to the PA. The Administration sought to isolate and remove Hamas while supporting moderates in Fatah, led by President Mahmud Abbas.

The international sanctions have not driven Hamas from power, and instead, some assert they may have provided an opening for Iran to increase its influence among Palestinians by filling the void. Now that Hamas and Fatah are sharing power, it will be harder to isolate Hamas. The United States and European countries have held meetings with non-Hamas members of the new government, while Israel continues to rule out all contact with PA ministers. Arab states, led by Saudi Arabia, are pressing for recognition of the new government and an end to the international boycott. Some observers believe Saudi efforts to gain acceptance of the unity government and restart Israeli-Palestinian peace talks may be an effort to set the price for Saudi cooperation on other U.S. policies in the region.

In 2006, Congress passed P.L. 109-446, the Palestinian Anti-Terrorism Act of 2006, to tighten existing restrictions on aid to the Palestinians. In 2007, Representative Ileana Ros-Lehtinen introduced H.R. 1856, which would amend the original Act to further restrict contact with and assistance to the PA. This report will be updated as events warrant.