logo

Nederlands beleid m.b.t. Israël/Palestina miskent politieke realiteit

15-01-2013 11:53

Een analyse van ir. Jan Elshout in Civis Mundi van de overzichtsbrief met betrekking tot het Midden-Oosten VredesProces (MOVP), die de minister op 12 december 2012 naar de Tweede Kamer stuurde.

Na het Regeringakkoord van het nieuwe kabinet was er hoop op een meer evenwichtige benadering van het Israëlisch-Palestijnse conflict dan onder het vorige kabinet het geval was.

 

Het feit dat men zowel goede banden met Israël wilde voortzetten als die met de Palestijnse Autoriteit, wekte hoop. Het vorige kabinet sprak immers alleen over samenwerking met Israël. In een verklaring zag bijvoorbeeld Een Ander Joods Geluid in die wederkerigheid een hoopvol teken. Daarbij sprak men tevens vertrouwen uit in de persoon van minister Timmermans, die (recent als Kamerlid) immers steun gegeven had aan moties die begrip uitspraken voor Palestijnse rechten.

 

Inmiddels begint het daadwerkelijke beleid zichtbaar te worden. Reeds vanaf het debat over de regeringsverklaring ontstond twijfel bij velen in de achterban van de minister. Bij de beantwoording van Kamervragen op 29 november werd aangekondigd dat regelgeving met betrekking tot producten uit de nederzettingen strikter nageleefd zou worden. De nederzettingen werden gezien als "bedreiging voor een twee-staten oplossing", maar het voornemen dat men "zal trachten de Israëlische autoriteiten hier van te weerhouden" klonk wel erg zwak. Grote teleurstelling was er ook toen de minister zich in de NRC verzette tegen een statusverhoging van Palestina in de VN, waar hij zich als Kamerlid voor had ingezet.

 

In een brief over Gaza worden slechts de humanitaire gevolgen van de blokkade genoemd, maar niet het feit dat die een gevolg zijn van doelbewust Israëlisch beleid. VN Rapporteur Richard Falk is daar in een interview voor CNN heel wat duidelijker over: "subjecting the entire population of Gaza to severe forms of collective punishment amounts to a continuing crime against humanity".

 

Het lijkt daarom van belang het kabinetsbeleid eens nauwkeuriger te bezien. Dit gebeurt vooral door analyse van de overzichtsbrief met betrekking tot het Midden-Oosten VredesProces (MOVP), die de minister op 12 december 2012 naar de Tweede Kamer stuurde. In dit artikel wordt die brief kritisch bezien. Vervolgens worden vraagtekens gezet bij de (impliciete) aannames in die brief.

 

Lees het volledige artikel in Civis Mundi, Tijdschrift voor Politieke Filosofie en Cultuur.