logo

Blog: "Dood alsjeblieft geen anderen uit naam van mijn zoon"

11-04-2013 12:46

Half maart sprak ik met Robi Damelin, actief bij de Israëlisch-Palestijnse dialoogorganisatie Parents Circle. Parents Circle bestaat uit Israëli’s en Palestijnen die bij het conflict een familielid hebben verloren - een zoon, een dochter, een vader of een moeder. Robi’s zoon, een officier in het Israëlische leger, werd tijdens de Tweede Intifada doodgeschoten door een Palestijnse scherpschutter. Nog altijd zichtbaar geroerd vertelt ze over het moment dat ze de boodschap kreeg dat haar zoon was omgekomen. Haar eerste reactie kon zij zich niet meer herinneren, maar later werd haar verteld wat zij had gezegd: “Dood alsjeblieft geen anderen uit naam van mijn zoon”.

Robi Damelin komt uit Zuid-Afrika, en vertrok in 1967 tijdens de Zesdaagse Oorlog naar Israël - om Israël, in haar woorden, “te redden”, én op de vlucht van het Apartheidsregime, dat haar in het vizier had sinds ze actief was geworden in de anti-Apartheidsbeweging. Ze ging nooit meer uit Israël weg. Ze trouwde, kreeg twee kinderen, verloor haar zoon en raakte zo in contact met Parents Circle. Ze zat daar aanvankelijk niet op te wachten. Het idee dat ze haar verdriet moest delen en het verdriet van anderen zou moeten aanhoren, leek haar een te zware emotionele belasting.

Nu, jaren later, is ze een van de drijvende krachten in de organisatie, en speelt zij de hoofdrol in een documentaire over verzoening in Israël, de Palestijnse gebieden én Zuid-Afrika, “One Day after Peace”. In de documentaire, die vertoond is op het IDFA en het Movies that Matter-festival, gaat zij op zoek naar de moordenaar (en zijn familie) van haar zoon. Het brengt haar naar Zuid-Afrika, om te zien hoe daar verzoening in de praktijk is gebracht, in het post-Apartheidtijdperk. Het levert krachtige beelden op.

Voor Robi is de wereld grijs. Zwart en wit, pro- en anti-, het zijn begrippen die haar niets zeggen. Natuurlijk heeft ze een mening over “de situatie”. Ze is tegen de bezetting, en had er moeite mee dat haar zoon diende in de bezette gebieden (haar zoon had er zelf ook moeite mee, vertelt ze gelaten). Ze koopt geen producten uit de nederzettingen. Maar dat maakt de wereld nog niet zwart-wit. Ze praat graag met Israëlische kolonisten, zegt ze in alle ernst. En met harediem, ultraorthodoxe joden. En met Palestijnen. Zij gaat niemand uit de weg.

En dat praten gebeurt zonder poespas. Geen ‘vaagheid’, zoals mijn vrienden hier zouden zeggen. Geen kumbaya-momenten. Niets spiritueels. Gewoon een gesprek. Zij vertelt hoe ze in contact kwam met een Palestijnse vrouw uit Hebron die haar in eerste instantie niet eens aan wilde kijken, als Israëli. Haar zoon was gedood door het Israëlische leger. Robi liet haar een foto zien van haar eigen zoon David. De vrouw ontdooide. “Wat een verlies” zei ze. Bouchra, de vrouw uit Hebron, is nu een van de actiefste leden van Parents Circle.

Robi hield mij een spiegel voor. We zijn gewend geraakt het conflict te ‘importeren’ naar ons eigen Nederland. We zijn pro-Israël, of pro-Palestina, zelden ‘neutraal’. Het debat is gepolariseerd, er is gebrek aan nuance, en dat beangstigt Robi. Want wat is het principiële verschil tussen een Israëlische moeder die treurt om haar zoon en een Palestijnse moeder die treurt om haar dochter? Dat verschil is er niet, is Robi’s boodschap. Maar dat verschil is wel in het debat geslopen. Verdriet wordt politiek. Het verdriet van de een wordt door de ander ontzegd. En, zegt Robi, het voedt steeds vaker antisemitisme en xenofobie.

Zij hekelt de wijze waarop soms solidariteit met de Palestijnse zaak wordt ingevuld. Zij staat als Israëli op de bres voor het beëindigen van de bezetting, maar wordt daar steeds vaker op afgerekend. Omdat ze Israëli is, is ze ‘besmet’. Ze is verzeild geraakt in debatten over ‘normalisatie’, alsof ze met Parents Circle het conflict bewust probeert ‘weg te nuanceren’ en geen oog meer heeft voor de politieke realiteit. Dat zij strijdt tegen de bezetting, niet alleen uit solidariteit met de Palestijnen, maar ook omdat zij diep bezorgd is over wat het conflict aanricht in Israël, is al voldoende voor kritiek op haar. En het irriteert haar dat het dan vaak mensen zijn van buiten de regio die haar de les lezen, mensen die soms nog nooit een bezoek aan Israël en de Palestijnse gebieden hebben gebracht. Het is een schrale troost dat het in veel gevallen haar Palestijnse vrienden zijn die het voor haar opnemen. Maar ze verbaast zich over wat ze haar “melaatsheid” noemt, dat ze door zelfbenoemde “progressieve” Europeanen of Zuid-Afrikanen wordt gemeden omdat ze Israëli is. Ze doet er niet zielig over, maar bezorgd is zij wel.

Sinds de Tweede Intifada is de kloof tussen Israëli’s en Palestijnen groter geworden. Het maakt het werk van Parents Circle lastiger, maar des te belangrijker. Robi blijft strijden voor een grijze wereld waar geen plaats is voor zwart-wit-denken. Een wereld waarin we in ieder geval elkaars verhalen en posities herkennen en erkennen. Je hoeft het niet met de ander eens te zijn. Zolang je maar beseft dat die op elkaar gelijkende verhalen bestaan. Het is een eerste stap naar verzoening, en die is hard nodig. Daar is Robi heilig van overtuigd, en ik sluit mij graag bij haar aan.

Rick Meulensteen (26) is werkzaam bij Een Ander Joods Geluid.