logo

De oorlog die je niet kunt vergeten

08-06-2017 11:45

Noa en Ahmed*, een Israëlische en een Palestijn, hielden een dagboek bij over de Zesdaagse Oorlog. OneWorld's Qali Nur sprak het toenmalige Israëlische meisje van tien, nu vrouw van zestig.

Maandag was het precies 50 jaar geleden dat de Juni oorlog of de (door Israël zo genoemde) Zesdaagse oorlog begon. Het was een korte oorlog, maar de gevolgen die het met zich mee heeft gebracht zijn enorm. Israël begon de oorlog met een luchtaanval op Egypte. Nog geen week lang vochten Egypte, Syrië en Jordanië tegen Israël, maar op 10 juni 1967 eindigde de oorlog nadat de Israëlische troepen grote gebieden hadden veroverd. Sindsdien leven Palestijnen in Gaza en de Westelijke Jordaanoever nog steeds onder de militaire bezetting door Israël. Tijdens de oorlog hielden Noa en Ahmed een dagboek bij. Ik las de dagboeken en vroeg Noa, de inmiddels zestigjarige vrouw, hoe zij terugkijkt op de oorlog.

Gezin beschermen
Noa was net tien jaar oud toen ze de oorlog meemaakte. Het Israëlische meisje woonde toentertijd in Jeruzalem, een gedeelde stad. Ahmed, een Palestijnse Bedoeïen uit de Negev woestijn, was een soldaat in het Israëlische leger. Hij koos er in 1967 voor om te vechten met de Israëlische troepen om zijn gezin te beschermen. Ahmed was er van overtuigd dat de omringende landen ook een gevaar voor hem vormde als Palestijn, sinds Israël de Negev woestijn had geclaimd.

Op de tweede dag van de oorlog schreven Noa en Ahmed:

Noa: “Het is de tweede dag, we zijn blij, de raketten die naast ons huis neervielen hebben ons gelukkig niet geraakt, dat is goed. Naast ons is een kamp en daar liggen allemaal wapens. De Arabieren weten dit en dat is waarom de raketten daar blijven vallen.

Ahmed: “Ik ben gestationeerd bij de Egyptische grens, in de Sinai regio. Ik ben doodsbang. Ik zal moeten vechten tegen andere Arabieren, maar ik moet het doen om mijn familie te beschermen. Ik zal proberen hen niet te veel pijn te doen. Ik heb het ontzettend moeilijk.”

De één een Palestijnse Bedoeïen en de ander een jong Israëlisch meisje. Ze maakten dezelfde oorlog mee, maar de gevolgen van de oorlog waren compleet verschillend. Ahmed verhuisde uiteindelijk jaren later naar Nederland met zijn gezin, terwijl Noa in Jeruzalem bleef. Naast hun oorlogservaringen hebben ze ook nog iets anders met elkaar gemeen, ze hopen beide nog op vrede.

Uit het dagboek van Noa: dag 2

Noa was geïnspireerd om een dagboek te schrijven nadat ze eerder het dagboek van Anne Frank had gelezen. “In Israël leerden alle kinderen al heel vroeg over de Holocaust en omdat er nog maar weinig materiaal was, gebruikten bijna alle scholen het dagboek van Anne Frank om het aan de kinderen uit te leggen.” Ze vertelt dat ze heel weinig kan herinneren van haar jeugd rond die tijd, behalve de oorlog - die kan ze niet vergeten.

“Een herinnering die altijd bij me zal blijven is het moment dat we uit de bunker kwamen na zes dagen. Het leek voor mij als jong meisje namelijk oneindig. De frisse lucht en het licht, dat is wat ik mij nog heel goed kan herinneren. We waren euforisch: we dachten dat er nu eindelijk een keer vrede zou komen en dat de volgende generatie het leger niet meer in zou hoeven te gaan.”

Vijftig jaar later lijkt de situatie niet verbeterd te zijn. De bezetting van Palestina door Israël duurt voort en een oplossing lijkt steeds moeilijker te worden nu de Israëlische nederzettingen in bezet gebied nog steeds worden uitgebreid. Noa is nog steeds optimistisch, zegt ze, en gelooft dat er binnenkort vrede zal komen.

In New York vierde een groep Joden dit weekend de overwinning van de 1967 oorlog, terwijl de Palestijnen de ‘Naksha’ deze week zullen herdenken. Ook in Nederland is er aandacht voor de oorlog. Zo organiseert Een Ander Joods Geluid een zesdaags evenement om meer bewustwording te creëren over de mensenrechtenschendingen in Israël en Palestina. Met de campagne Enough = Enough willen zij mensen aansporen om meer te doen tegen de bezetting daar en de polarisatie hier in Nederland. Zij zullen deze week ook elke dag steeds een stukje plaatsen van de twee dagboeken.

*De namen zijn in het verhaal veranderd uit privacy redenen, maar zijn bij de redactie bekend.